Ouderen worden aan hun lot overgelaten

De moeder (88) van Ilona Dekker zou in Amsterdam huishoudelijke hulp krijgen, maar vanwege onder meer gebrekkige communicatie van de gemeente en een zorginstelling besloot ze die taak toch zelf op zich te nemen. ‘Ze is afhankelijk van zorg die niet wordt geleverd, in een systeem dat haar niet begrijpt’, schrijft Dekker in Het Parool.

Na bijna elf maanden op de wachtlijst was moeder aan de beurt. “Maar toen begon de ellende pas echt. Zorgmedewerkers kwamen niet opdagen, of te laat, belden niet terug, de communicatie was extreem slecht. Omdat mijn moeder dit zelf niet kon, nam ik contact op met de zorgorganisatie maar ik kreeg geen gehoor. E-mails werden niet beantwoord en de gemeente reageerde niet op mijn verzoeken om uitleg. Wat wel goed geregeld was? De incasso van de eigen bijdrage.”

Onwerkbaar systeem

In plaats van haar energie te steken in dit onwerkbare systeem, zorgt Dekker nu zelf voor haar moeder, schrijft ze in Het Parool. “Haar woning blijft redelijk schoon en opgeruimd dankzij mijn inzet. Dit is de dagelijkse realiteit voor duizenden ouderen in Nederland. Ouderen die, net als mijn moeder, afhankelijk zijn van zorg die niet wordt geleverd, in een systeem dat hen niet begrijpt. Ze kunnen niet naar het Malieveld om hun ongenoegen te uiten, en staken heeft geen zin, ze werken niet meer.”

Helaas is die zorg er vaak niet

Het tweede kabinet-Rutte besloot de verzorgingshuizen te sluiten, zodat ouderen langer thuis moeten blijven wonen. Een mooie optie, merkt Dekker op in Het Parool, mits de beloofde zorg daadwerkelijk wordt geleverd. “Helaas is die zorg er vaak niet en worden ouderen aan hun lot overgelaten.”

Vrees voor de toekomst

Er moet volgens Dekker iets veranderen in de manier waarop deze zorg wordt georganiseerd. “Gemeenten moeten verantwoordelijk worden gehouden voor beloofde zorg. Die wordt steeds meer een administratieve taak, en is steeds minder gericht op individuele behoeftes van burgers. Over twintig jaar ben ik zelf de tachtig net gepasseerd en ik vrees voor de toekomst.”