Verschuil je niet achter de volgende generatie

“We moeten de wereld een ietsje beter achterlaten voor de volgende generaties.” Het wordt vaak gezegd bij pijnlijke maatregelen en voorstellen voor de lange termijn. Alsof het een doorslaggevend argument is. Er zit iets heel schijnheiligs in die opdracht, schrijft Nelleke Noordervliet (1945) in haar column in Trouw.” Kijk ons eens goede rentmeesters zijn, kijk ons eens bereid zijn tot offers, kijk ons eens onszelf wegcijferen.”

Moeten die toekomstige generaties het dan zelf maar uitzoeken en onze rotzooi opruimen? “Nee, dat vind ik absoluut niet, maar ik denk dat het onvermijdelijk is dat elke generatie de troep van een vorige generatie erft en er zijn eigen troep aan toevoegt”, aldus de columnist  in Trouw. “Er is nog nooit een generatie geweest die kon zeggen: ‘Nou jongens, het kostte een paar centen en we hebben op een houtje gebeten, maar we laten jullie een blinkende wereld na.’”

Eigen problemen, eigen oplossingen

Elke generatie definieert zijn eigen problemen en zoekt de eigen oplossingen afhankelijk van de eigen omstandigheden, schrijft Noordervliet. “Elke generatie neemt daarbij de resultaten van vorige pogingen een probleem op te lossen mee. Of niet, als ze dat niet willen. Er zijn generaties geweest die problemen vergroot hebben, hoewel ze in de veronderstelling verkeerden juist het goede te doen voor de volgende generatie.”

Schijnheilig zwaktebod

Als je bijvoorbeeld vindt dat biodiversiteit voor een volgende generatie belangrijk zou zijn, dan is biodiversiteit voor jou belangrijk. Daar kom je dus voor op, aldus Noordervliet in Trouw, al weet je dat bepaalde maatregelen pas bij een volgende generatie volledig effect zullen hebben. “Verschuil je niet achter later. Wat nu belangrijk is, moet nu gebeuren, moeten we nu doen voor onszelf. Als het goed is zullen volgende generaties er blij mee zijn. Of niet. Het beroep op een volgende generatie is een schijnheilig zwaktebod.”