Waarom ouderen het sneller koud hebben
Het Nederlandse stookgedrag is structureel aan het veranderen. Waar 21 graden jarenlang als norm gold, nemen steeds meer huishoudens genoegen met lagere temperaturen. In verzorgingshuizen ligt die afweging ingewikkelder, schrijft het Noordhollands Dagblad.
Ouderen hebben het sneller koud dan jongere mensen, aldus een geriatrisch fysiotherapeut van Calidus in Hoorn. Dat is geen ‘gevoel’, maar het gevolg van meetbare lichamelijke veranderingen. Met het ouder worden neemt de spiermassa af, vertraagt de stofwisseling en verslechtert de doorbloeding van huid en ledematen. Ook verdwijnt een deel van de onderhuidse vetlaag die normaliter helpt isoleren. Daardoor raakt het lichaam sneller warmte kwijt en heb je het sneller koud.
Groter risico om te vallen
Een te lage omgevingstemperatuur heeft directe gevolgen voor het functioneren, legt de geriatrisch fysiotherapeut uit in het Noordhollands Dagblad. “Spieren en gewrichten worden stijver, de spierkracht neemt af en het reactievermogen wordt minder. Dat vergroot het risico op vallen, vooral bij opstaan en lopen.”
Sluipende onderkoeling
“Wat vaak wordt onderschat, is dat ouderen onderkoeld kunnen raken zonder dat ze dat zelf goed doorhebben. De temperatuurwaarneming en het rilsysteem nemen af met de leeftijd, waardoor onderkoeling soms sluipend ontstaat.” Dat kan zelfs gebeuren bij temperaturen die voor jongere mensen nog comfortabel aanvoelen.
Extra kwetsbaar
Ouderen met een lage spiermassa, met diabetes, hart- en vaatziekten of neurologische aandoeningen zijn extra kwetsbaar, net als ouderen die bepaalde medicijnen gebruiken, zoals bètablokkers of kalmerende middelen. Voor die groep kwetsbare ouderen komt uit wetenschappelijk onderzoek het advies doorgaans een binnentemperatuur van 20 tot 22 graden te hanteren, om klachten, functieverlies en onderkoelingsrisico te beperken.
Grote misvatting
Energie besparen kan, maar doe het dan wel verstandig, zegt de geriatrisch fysiotherapeut in het Noordhollands Dagblad: Houd verblijfsruimtes warm en bespaar in ruimtes die niet worden gebruikt. Daarnaast helpen laagjes kleding, warme voeding en vooral lichte beweging, omdat dat de interne warmteproductie verhoogt. “De grootste misvatting is dat het er ‘gewoon’ bij hoort; dat ouderen het koud hebben. Dat is niet zo. Het heeft een reden. Vaak is het een signaal dat er iets niet klopt.”