De 100 halen: genen, eten en veel lopen

Wie oud wil worden, moet volgens Het Parool op Sardinië gaan wonen. Het dorpje Bolotana wordt sinds kort beschouwd als een blue zone, een plek waar uitzonderlijk veel mensen – gezond en vitaal – erg oud worden.

In Bolotana is de kans om 100 jaar oud te worden drie keer zo hoog als in de rest van Italië. En Italië scoort al boven het Europese gemiddelde: een Italiaan wordt gemiddeld 83,7 jaar.

Blue zones

Het dorpje behoort tot de weinige blue zones ter wereld, aldus Het Parool. Dat zijn specifieke regio’s in de wereld waar opvallend veel mensen gezond, vitaal en zonder chronische ziekten ouder dan 90 of 100 jaar worden. Tot die kleine groep gebieden behoren onder meer Okinawa in Japan, het schiereiland Nicoya in Costa Rica en Ogliastra, een streek in het oosten van Sardinië. “Voor het eerst in 25 jaar hebben we buiten de bekende blue zones op Sardinië een plek gevonden,” zegt een onderzoeker tegen de Britse krant The Guardian.

Vooral vrouwen heel oud

Waar het percentage 100-jarigen in de andere blue zones ongeveer gelijk is verdeeld over mannen en vrouwen, zijn het in Bolotana vooral de vrouwen die heel oud worden. Toen de studie in 2024 begon, waren er twaalf 100-jarigen in het dorp. Nu zijn er nog zes over, allemaal vrouwen. Het viel de onderzoekers op hoe zelfstandig en fit de vrouwen nog zijn. Een101 jarige, reageerde zelfs geïrriteerd op de vraag wie er voor haar kookte. “Dat doe ik zelf,” zei ze, waarna ze de academici een uitgebreide lunch voorschotelde.

Veel granen en groenten

Wetenschappers weten volgens Het Parool nog niet precies waarom mensen op Sardinië zo oud worden. Waarschijnlijk spelen goede genen mee, maar ook dieet en leefomgeving. De dorpelingen eten veel granen en groenten. Hun vlees komt van de eigen dieren, niet uit de intensieve veeteelt. Daarnaast zijn de intensieve sociale relaties die de dorpelingen onderhouden van groot belang.  Een andere belangrijke factor is lichaamsbeweging. De bewoners van Bolotana lopen veel om hun akkers te bereiken of de schapen te hoeden, soms wel 20 kilometer per dag. Dat werk deden vooral de vrouwen.