Lokale structuren van ‘zorgen voor elkaar’ hebben wij al

Leo Bisschops (82) uit Best is gestopt als voorzitter van Senioren Brabant-Zeeland. Bijna negen jaar heeft hij zich met hart en ziel ingezet voor de belangenvereniging van zo’n 126.000 senioren. Hij heeft volgens het Eindhovens Dagblad de voorzittershamer nu al neergelegd, omdat hij is gevraagd als wethouderskandidaat in de gemeente Best. Het is een functie die niet samengaat met het voorzitterschap.

Bij elkaar gehouden

Terugkijkend is Bisschops het meest blij met het feit dat hij de 126.000 leden bij elkaar heeft gehouden. In de loop van de jaren heeft hij de 250 verenigingen laten inzien dat zorgen voor elkaar op lokaal niveau noodzakelijk is. “Op landelijk niveau wordt aangegeven dat er te weinig handjes zijn. Ze kunnen de zorg niet overeind houden. Mensen zijn aangewezen op meer informele zorg van naaste buren. Die lokale structuren van ‘zorgen voor elkaar’ hebben wij al. Denk bijvoorbeeld aan de belasting- en woonadviseurs en de hulp bij de Wmo.”

Stapsgewijs proces

Waar Bisschops ook blij mee is, aldus het Eindhovens Dagblad, zijn de bijeenkomsten ‘Praten over morgen’. Senioren komen vier avonden bij elkaar om te praten over hun toekomst. “10.000 mensen hebben al meegedaan. Zij praten met elkaar over hun woonsituatie en de vraag hoe zij hulp kunnen krijgen. Het is een stapsgewijs proces en kan leiden tot lokale hulpinitiatieven.”

Dialoog aangaan

De seniorenvereniging is inmiddels de grootste van het land en is een serieuze gesprekspartner voor de landelijke partijen, schrijft het Eindhovens Dagblad. Ook namens provinciale seniorenorganisaties zit de vereniging aan tafel om de belangen van senioren te behartigen. Bisschops hoopt dat deze beweging door blijft gaan en kan blijven rekenen op financiële ondersteuning uit Den Haag. Ook ziet hij graag dat de grijze golf niet als probleem wordt gezien.”Wij dragen graag bij aan de oplossingen. We nemen onze eigen verantwoordelijkheid en willen de dialoog aangaan, in plaats van dat er over ons wordt gepraat en voor ons wordt gedacht.”