Sneller hogere pensioenleeftijd echt niet nodig

“Het aanstaande kabinet-Jetten baseert de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd op een merkwaardige aanname.” Als de hoogte van de AOW-uitkering gekoppeld blijft aan de cao-lonen (en niet meer), scheelt dat miljarden euro’s die niet bezuinigd hoeven te worden, schrijft Paul de Beer, emeritus hoogleraar arbeidsverhoudingen aan de Universiteit van Amsterdam, in de Volkskrant.

De afgelopen decennia zijn de AOW-uitkeringen steeds verder achtergebleven bij de feitelijke loonontwikkeling. “Mede daardoor geven we momenteel, ondanks de sterke groei van het aantal gepensioneerden, een kleiner percentage van het bbp uit aan de AOW dan in de jaren tachtig.” Als de AOW-uitkering per jaar een half procent minder stijgt dan het CPB veronderstelt, zullen de uitgaven in 2040 niet 5,7 procent, maar nog geen 5,3 procent van het bbp bedragen, aldus De Beer in de Volkskrant. “Dat is liefst 4,7 miljard euro minder.”

Twee miljard over voor leuke dingen

Volgens het coalitieakkoord zou de snellere verhoging van de AOW-leeftijd op termijn bijna 2,8 miljard euro moeten opleveren. “De nieuwe regering kan dat voornemen dus zonder enige financiële consequentie inslikken en houdt dan nog bijna 2 miljard euro over om andere leuke dingen te doen – een verhoging van de AOW-uitkering bijvoorbeeld.”