100-jarige elke avond rek- en strekoefeningen

‘Ik ben danser, een balletdanser.’ Met die woorden stelt de 100-jarige Miesje Koot-Groosjohan zich voor aan de interviewer van de Volkskrant. Ze woont nog zelfstandig, op de hoogste verdieping van een torenflat in Rotterdam-Hillegersberg, uitkijkend op het water waar ze als kind zwom en zeilde. Ze was balletdanseres in Parijs en woonde met haar gezin in Pakistan en Zuid-Afrika.

Graag controle houden

Hoe ervaart Miesje Koot- Groosjohan de ouderdom? ‘Ik heb geen redenen om ontevreden te zijn. Niets van mijn leven had ik willen missen, het verdriet hoorde erbij. Als je zo oud bent, lever je in en voeg je niks meer toe als bewoner van deze wereld. Daar denk ik over na. Ik houd graag de controle en wil zo veel mogelijk zelf blijven doen. Elke avond doe ik rek- en strekoefeningen, ik kan nog met mijn handen plat op de grond als ik voorover buig.’

IJzeren discipline

Zij is van ijzer, vertelde de oudste dochter van Miesje Koot-Groosjohan aan de Volkskrant.  ‘Dat is waar. Ik ben een volhouder. Professioneel balletdanser kun je alleen worden met een ijzeren discipline; veel trainen, veel laten en elke dag op je gewicht letten. Ik genoot van alles, behalve de pijn. Na een voorstelling kwam ik nooit zonder bloedende voeten van het toneel.’

Veel gepaft

Of altijd gezond heeft geleefd? Daarover zegt Miesje Koot-Groosjohan in de Volkskrant: ‘We kwamen allemaal verzwakt uit de oorlog. In Parijs at ik heel slecht. In de danswereld werd veel gepaft, de docenten trainden ons met een sigaret in de mond. Ik rookte lang meer dan een pakje per dag. Om te minderen, ging ik halve sigaretten roken. Ik was 80 toen ik ’s nachts wakker werd van gepiep. Dat bleek ik zelf te zijn, en ben meteen gestopt. Zo moeilijk bleek dat niet. Volhouden is een kwestie van discipline.’