Weg met AOW-controle achter de voordeur
De AOW-regeling uit 1957 sluit niet meer aan bij de samenleving van vandaag, zegt voorzitter Diana Starmans van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) in een interview in het FD.‘Toen waren er heel simpel twee leefvormen: gehuwd of alleenstaand. Nu onderscheiden we 21 leefvormen en moeten wij beoordelen of iemand een hoge of lage AOW krijgt.’
Nederland heeft een bijzonder AOW-stelsel, stelt de SVB-voorzitter vast. ‘De hoogte van de AOW is gekoppeld aan het wel of niet hebben van een gezamenlijke huishouding. Maar wanneer is dat het geval? Wij moeten de situatie in kaart brengen. Zorgen jullie voor elkaar? Betalen jullie elkaars kosten? Gaan jullie samen op vakantie? Als de een ziek is, wordt die dan verzorgd door de ander? De beoordeling heeft iets subjectiefs.’
Objectief partnerbegrip
Verandering is wel op til. Zo werkt de SVB samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan vervanging van het begrip ‘gezamenlijke huishouding’ door wat in jargon een ‘objectief partnerbegrip’ heet. Starmans zegt hierover in het FD: ‘Het is eigenlijk heel simpel: ben je fiscaal partner van elkaar, gebruik dat dan als grondslag. Dan hoeven wij niet meer achter die voordeur te kijken en baseren we ons op de indeling van de Belastingdienst. Duidelijk voor de mensen, eenvoudig in de uitvoering. Daar zitten objectieve criteria aan vast, zoals een partnerpensioen of het gezamenlijke eigendom van een huis.’
Perverse prikkel
Een verandering van het partnerbegrip klinkt misschien als een technisch detail, maar kan dus grote gevolgen voor gepensioneerden hebben. Bovendien levert het maatschappelijke baten op, benadrukt Starmans in het FD. Nu geeft het systeem volgens haar een perverse prikkel: wie gaat samenwonen met een geliefde, een buurman of een familielid wordt gekort op de AOW. Terwijl zo’n stap de druk op de woningmarkt en de zorgsector verlicht.