Doorbraak bij voorkomen van ondervoeding
Mede dankzij onderzoek van hogeschool Hanze krijgen medewerkers in de zorg volgens Dagblad van het Noorden handvatten waarmee wereldwijd ondervoeding bij patiënten en ouderen voorkomen kan worden.
Ondervoeding bij ouderen en patiënten is een enorm probleem dat ook nog eens structureel onderschat wordt, zegt een Hanze-wetenschapper. Mensen verliezen gewicht als zij te weinig eiwitten en calorieën binnenkrijgen, tegelijkertijd nemen spiermassa en spierkracht af. Daardoor is bijvoorbeeld bij ouderen de kans op een gevaarlijke valpartij veel groter. Bij ondervoeding duurt het herstel langer en is ook het risico op overlijden groter.
Internationale standaard
In de Nederlandse ziekenhuizen is het standaardprotocol dat iemand wordt gescreend op ondervoeding. Maar het probleem is er dan al. Veel liever wil je het moment dat iemand ondervoed raakt vóór zijn. “Het is belangrijk dat we met ‘risico op ondervoeding’ allemaal hetzelfde bedoelen.” De definitie die de onderzoekers hebben gemaakt wordt internationale standaard, aldus Dagblad van het Noorden.
Risicofactoren
Volgens de onderzoekers is er sprake van risico op ondervoeding wanneer iemand één of meer risicofactoren heeft die tot ondervoeding kunnen leiden, al dan niet in combinatie met gewichtsverlies. Deze risicofactoren zijn onder andere voedingsgerelateerde klachten, zoals slikproblemen, pijn bij het eten of snel een vol gevoel hebben en problemen gerelateerd aan een ziekte zoals vermoeidheid en pijn. Maar ook fysieke, psychische klachten, sociale factoren zoals eenzaamheid, hogere leeftijd of bijvoorbeeld financiële problemen kunnen ondervoeding veroorzaken. Het onderzoek moet ervoor zorgen dat de risico’s meetbaar worden voor zorgmedewerkers, waarna diëtisten en andere zorgverleners met de patiënt aan de slag kunnen, om te voorkomen dat hij of zij daadwerkelijk ondervoed raakt.