Oudste mantelzorger van Nederland

Zuster Thérèse van Horne woont in een fraai klooster in hartje Maastricht, dat nu dienst doet als verzorgings- en verpleeghuis. Ze bewoont een kleine kamer met aan de muren iconen en familiefoto’s. En twee ingelijste onderscheidingen, één van de paus en één van koning Willem-Alexander. Die kreeg ze vorig jaar, voor haar 100ste. Ze was er helemaal niet blij mee, merkt ze op in een Volkskrant-interview , nog steeds een beetje verontwaardigd. ‘Ik vond het overdreven; al die aandacht en poespas hoeven niet voor mij, daar ben ik niet mee opgevoed. Mijn moeder, die tien kinderen heeft gebaard, díé had een onderscheiding verdiend.’

Zuster Thérèse vertelt in de Volkskrant weer haar weg te moeten zoeken sinds haar medezuster Irma een paar maanden geleden is overleden, enkele weken na haar 100ste verjaardag. “Ik heb jarenlang voor haar gezorgd, ze had ook een kamer hier in huis. Ik regelde alles voor haar en ging twee keer per dag naar haar toe.”

Het komt zo uit

Misschien is zuster Thérèse wel de oudste mantelzorger van Nederland, zei familie tegen de Volkskrant. (Ze lijkt te schrikken van dit inzicht en slaat beide handen voor haar mond.) ‘Het komt zo uit, hè, door de omstandigheden. Ik heb mijn hele leven gezorgd, eerst voor mijn zieke moeder, daarna voor mijn zieke vader en bij de Medische Missiezusters werd ik bejaarden- en ziekenverzorgster. Sinds ik hier woon, al 25 jaar lang, zorg ik voor mijn medezusters. Nu ben ik nog de enige hier in huis van onze congregatie.’

Het was mijn lot

Dus nu zij bijna 101 jaar is, kan zuster Thérèse eindelijk een beetje uitrusten? ‘Eigenlijk was het zorgen voor zr. Irma te zwaar, maar het was mijn lot. Nu heb ik zoveel rust dat ik toekom aan dingen waarvoor ik nooit tijd had, zoals de stad in gaan, winkels en de markt bezoeken. Je voelt je een stuk minder eenzaam als je de deur weer uitgaat.’

 

Mezelf redden

 

‘Elke ochtend sta ik om half 7 op, ga me wassen en aankleden, ontbijten, bidden in de kapel en na afloop maak ik een wandeling door de tuin”, vertelt zuster Thérèse in de Volkskrant. “Bij terugkomst in mijn kamer was ik de wielen van mijn rollator. In de middag stap ik op de hometrainer. Ik heb er altijd naar gestreefd mezelf te redden.’