Oppassen goed voor brein van opa en oma
Opa’s en oma’s die op hun kleinkinderen passen, presteren volgens de Volkskrant beter op hersentests dan leeftijdgenoten die dat niet doen. Vooral oma’s profiteren daar op latere leeftijd van: hun scores gingen minder snel achteruit.
Helpen met huiswerk, kinderen ophalen van school of samen spelen; het maakt niet uit wat je doet, op je kleinkind letten is goed voor de hersenen. Dat concluderen onderzoekers van onder meer de Universiteit van Tilburg.
Volgens de onderzoekers komen die verschillen tussen mannen en vrouwen mogelijk doordat mannen vaker samen met hun echtgenoten oppassen, waardoor ze meer een rol op de achtergrond krijgen. Ook denken de onderzoekers dat opa’s door traditionele familierollen minder ervaring hebben met opvoedtaken, waardoor ze het oppassen als stressvoller en veeleisender ervaren, wat de positieve effecten teniet zou doen.
Stress kan slecht zijn
Dat beaamt in de Volkskrant ook André Aleman, hoogleraar neurocognitie en mentale gezondheid aan de Universiteit Maastricht en auteur van Het Seniorenbrein. Hij vertelt dat uit eerder onderzoek blijkt dat activiteiten vooral goed zijn voor je brein als je die heel leuk vindt. Als de stress vooropstaat, kan dat zelfs slecht zijn voor het brein.
Context ook belangrijk
Aleman, zelf niet bij de nieuwe studie betrokken, vindt het volgens de Volkskrant een ‘mooi onderzoek’, maar wel een dat meer vragen oproept dan het beantwoordt. ‘Ik mis de context, passen deze grootouders op omdat ze het leuk vinden of uit noodzaak? Dat maakt veel uit voor het brein.’
Plannen en organiseren
Aleman mist ook nog wat andere testen. Van de standaardtesten voor cognitieve fitheid werden er maar twee afgenomen. ‘Ik ben ook wel benieuwd naar de resultaten van de andere testen, vooral voor het vermogen om te plannen en te organiseren, omdat dit ook achteruit gaat bij het ouder worden.’
Andere activiteiten
En voor wie geen kleinkinderen heeft, valt de cognitieve achteruitgang dan nog af remmen? Jazeker, aldus Aleman in de Volkskrant, die wijst op de verschillende voordelen van oppassen: lichaamsbeweging, sociale interactie en uitdaging. Die combinatie is ook te vinden bij andere activiteiten, van badminton tot een wekelijks retourtje met de fiets naar een bridge-avond. ‘Dat doet waarschijnlijk net zoveel met je brein als oppassen.’